Waarom ik dit onderzocht
Op de revalidatieafdeling merkte het team dat sommige cliënten dagelijkse vaardigheden tijdens hun opname minder uitvoerden, terwijl zij deze vóór hun opname zelfstandig deden. Het ging bijvoorbeeld om omgaan met medicatie, de bloedsuiker controleren, wegen bij hartfalen of een vochtbalans bijhouden. Het team wilde weten hoe deze vaardigheden tijdens de revalidatie beter behouden konden blijven, met het oog op terugkeer naar huis.
Mijn onderzoeksvraag
Welke handvatten hebben de verpleegkundigen en verzorgenden op afdeling A0 nodig om de zelfmanagementvaardigheid van geriatrische revalidanten te behouden tijdens de opname?
Zelfmanagement, zelfredzaamheid en eigen regie
Zelfmanagement gaat in dit onderzoek over het omgaan met een chronische aandoening en de gevolgen daarvan in het dagelijks leven. Zelfredzaamheid gaat over dagelijkse activiteiten kunnen uitvoeren. Eigen regie gaat over richting geven aan het eigen leven en meebeslissen over zorg. Deze begrippen hangen samen, maar leggen elk een ander accent.
Mijn onderzoek richtte zich op de praktische vaardigheden die iemand nodig heeft om met een aandoening om te gaan, en op de ondersteuning die verpleegkundigen daarbij kunnen bieden.
Hoe ik het onderzoek uitvoerde
Ik combineerde literatuuronderzoek met een kwantitatief praktijkonderzoek. Voor de literatuur gebruikte ik de bibliotheek van Inholland, PubMed en Google Scholar. De praktijksituatie bracht ik onder meer in kaart met een visgraatanalyse en de 6 W’s van Verhoeven.
Op de afdeling werden 20 vragenlijsten uitgedeeld aan verpleegkundigen en verzorgenden, waaronder vaste medewerkers en flexmedewerkers. Daarvan werden er 15 ingevuld: een respons van 75%. De vragen gingen over de intake, kennis en competenties, voorlichting, coaching en scholing.
Wat ik inhoudelijk onderzocht
Het belang van dagelijkse vaardigheden behouden
In de onderzochte literatuur kwam het belang naar voren van een actieve rol van cliënten in het omgaan met hun aandoening. Het behouden en ondersteunen van zelfmanagement werd in verband gebracht met zelfstandigheid en functioneren. Ik onderzocht hoe verpleegkundigen hier tijdens een opname aandacht aan kunnen geven.
Zelfmanagement bij de intake bespreken
Een intake biedt gelegenheid om te bespreken wat iemand vóór de opname zelf deed, wat nu lukt en waar ondersteuning nodig is. Ik onderzocht hoe deze informatie werd verzameld en hoe gesprekshulpmiddelen, zoals de Zelfredzaamheidsradar en het Zelfmanagementweb, kunnen helpen om mogelijkheden en ondersteuningsvragen zichtbaar te maken.
De verpleegkundige als coach
In de literatuur onderzocht ik competenties zoals luisteren, motiverende gespreksvoering, klinisch redeneren, risico’s inschatten, signaleren en maatwerk leveren. Ook kennis van ziektebeelden, voorlichting geven en vaardigheden aanleren kwamen aan bod. Een coachende houding geeft de cliënt ruimte om mee te denken over doelen en oplossingen.
Het 5A-model kwam in de literatuur terug als aanpak voor ondersteuning: achterhalen, adviseren, afspreken, assisteren en arrangeren. Samenwerking met de cliënt, diens omgeving en andere zorgprofessionals maakte eveneens deel uit van de onderzochte competenties.
Voorlichting en samenwerking
Ik onderzocht het belang van begrijpelijke informatie, passende instructies en een goede relatie met de cliënt. Daarbij keek ik ook naar informatie delen, zorg coördineren en samenwerken met andere disciplines. Zelfmanagementondersteuning vraagt om aansluiting bij de mogelijkheden en wensen van de persoon.
Scholing en voorwaarden binnen de organisatie
Een gezamenlijke visie van het team, ruimte voor begeleiding, geschikte materialen en een vaste plek in het zorgproces kwamen in de literatuur naar voren als voorwaarden. In het praktijkonderzoek keek ik naar de ervaring van medewerkers met scholing en hun behoefte aan verdere ondersteuning.
Wat de vragenlijst liet zien
De onderstaande resultaten betreffen de antwoorden van de 15 medewerkers op deze afdeling in 2020. Het zijn zelfgerapporteerde ervaringen en opvattingen.
- 53% gaf aan dat er voldoende vragen over zelfmanagement konden worden gesteld bij de intake; 47% antwoordde daarop nee.
- 67% vond dat de bestaande vragenlijst genoeg informatie over zelfmanagement opleverde.
- 40% gaf aan gesprekshulpmiddelen bij de intake te gebruiken. 33% was bekend met de Zelfredzaamheidsradar of het Zelfmanagementweb.
- 93% vond dat het stimuleren van zelfmanagementvaardigheden kon bijdragen aan de levenskwaliteit van de cliënt.
- 80% vond dat zij over de juiste competenties beschikten. Voor gespreksvaardigheden was dit 87% en voor coachende vaardigheden 93%.
- 80% gaf aan voorlichting te geven en zich in staat te voelen om passende voorlichting of educatie te bieden.
- 80% antwoordde dat de organisatie geen scholing over het stimuleren van zelfmanagementvaardigheden aanbood.
Mijn conclusie en aanbevelingen
Mijn onderzoek wees op het belang van een zorgvuldige intake, passende gesprekshulpmiddelen, verpleegkundige kennis en coachende vaardigheden. Ik concludeerde dat scholing en een gezamenlijke aanpak binnen de organisatie nodig waren om zelfmanagementondersteuning beter in het dagelijks werk te verankeren.
- Breng de behoeften van het team in kaart. Onderzoek welke kennis, vaardigheden en ondersteuning medewerkers nodig hebben bij de intake en begeleiding.
- Stem scholing af op die behoeften. Besteed aandacht aan gesprekstechnieken, coaching en het ondersteunen van dagelijkse zelfmanagementvaardigheden.
- Verbeter de intake met gesprekshulpmiddelen. Onderzoek en test hoe de Zelfredzaamheidsradar of het Zelfmanagementweb een vaste plek kunnen krijgen in het verpleegkundig proces.
Wat ik meeneem in mijn werk
Dit onderwerp sluit aan bij mijn aandacht voor eigen regie en zelfredzaamheid. Bij het beoordelen van een zorgvraag wil ik begrijpen wat iemand zelf kan, wat iemand wil blijven doen en welke ondersteuning daarbij past. Die blik is ook relevant bij coaching: samen afwegen, zorgvuldig onderbouwen en de cliënt betrekken bij keuzes.
